Gepost door: mvandenhende | januari 20, 2010

Adresboek of chequeboek?

Uit alle gesprekken die ik reeds met journalisten had, blijkt altijd één ding: als journalist moet je netwerken. Jan Holderbeke, eindredacteur van Panorama vatte het mooi samen in één van de VVOJ09-interviews: “Je belangrijkste bron blijft je adresboek.” Maar toch lijkt ook de chequeboek soms een rol te spelen. Dat blijkt ook uit de verklaringen van Ilse Beyers, hoofdredacteur van Dag Allemaal, een tweetal jaar geleden. Zij stelde dat er soms wordt betaald voor interviews en informatie. In september 2008 diende de Vlaamse journalistenbond hierover een adviesvraag in bij de Raad voor de Journalistiek. We zijn ondertussen 2 jaar verder en het advies is er nog steeds niet, maar mag verwacht worden in de eerste helft van dit jaar. Een heikel debat blijkbaar, die chequeboekjournalistiek. Tja, wat is het probleem nu eigenlijk?

Chequeboekjournalistiek is geen vastomlijnd begrip en komt in verschillende gradaties voor. Zo wordt er soms betaald voor interviews of fotoreportages van beroemdheden, iets wat algemeen redelijk aanvaard is. Een groter probleem is het betalen van informanten. Vaak zijn dat getuigen of misdadigers die maar al te graag een centje bijverdienen met hun spannend verhaal. Het probleem is dat een dergelijke werkwijze ingaat tegen de vrije nieuwsgaring. Informatie wordt onderhevig aan een financieel opbod waar kapitaalkrachtige media een monopolie verwerven op informatie met een hoge marktwaarde. Exclusieve informatie brengt in ons huidig commercieel mediaklimaat veel geld op. Dat kon The Daily Telegraph in het VK aan den lijve ondervinden. De krant telde veel geld neer voor een harddisk met bezwarende verklaringen van parlementairen. Een maand lang domineerde de DT het nieuws, de oplage steeg met 6% en de andere kwaliteitskranten zagen hun oplage tijdelijk achteruitgaan.

Exclusieve informatie is een belangrijk concurrentieel wapen, maar betalen voor informatie maakt die informatie verdacht en vaak onbetrouwbaar. Getuigen kunnen bijvoorbeeld de informatie aandikken om meer geld te krijgen of achterhouden om later te verkopen. De voorbeelden van onbetrouwbare gekochte informatie zijn schering en inslag. Zo bleken de foto’s van Britse soldaten die in Irak op gevangenen urineren, vals te zijn. De Daily Mirror had er nochtans heel wat Britse ponden voor over. Ook in juridische middens wordt de betrouwbaarheid van dergelijke informatie sterk in vraag gesteld. De vermoedelijke ontvoerders van Victoria Beckham werden vrijgesproken omdat de sleutelgetuige in het proces betaald werd door de Britse zondagskrant News of the World.

Dus betaalde informate druist in tegen vrije nieuwsgaring en de betrouwbaarheid valt te betwijfelen. Waarom zouden we het dan wel doen? Net zoals veel andere moreel verwerpelijke nieuwsgaringstechnieken – ik denk aan undercoverjournalistiek – blijkt maatschappelijke relevantie de uitzondering te zijn. Wanneer enkele Britse tabloids de getuigen in een mogelijke zaak van kindermisbruik betalen voor een exclusief interview, dan kan dat volgens de Press Complaints Commission gerechtvaardigd worden vanuit de maatschappelijke relevantie van de informatie. Het Nederlandse RTL dat betaalt voor beelden van twee Nederlandse beroemdheden die zoenen in de auto, kan die maatschappelijke relevantie veel moeilijker aantonen.

De hierbovenvermelde cases suggereren dat deze techniek in eigen land voor weinig problemen zorgt. Ik ging even polsen bij verschillende Vlaamse en Waalse media. Een greep uit de (beperkte) reacties:

Thomas Siffer, hoofdredacteur Story: “Wij betalen bij Story nooit voor een interview, behalve indien het interview niets te maken heeft met hun publieke leven. Soms geven we een kleine vergoeding voor een gouden tip, maar die informatie wordt altijd grondig geverifieerd.”

Gie Goris, hoofdredacteur Mo*: “Wij betalen bij Mo* nooit voor informatie. De situatie heeft zich nooit voorgedaan, maar indien dat ooit het geval zou zijn, is het antwoord ‘neen’ vanwege de principiële keuze voor afstand tussen onderwerp en journalist.”

Thierry Fiorilli, journalist bij Le Soir: “Wij betalen nooit wanneer we nog zelf iets met de informatie moeten doen. Indien het om een afgewerkt artikel gaat van een correspondent of een freelancer, is dat uiteraard iets anders. Ook betalen wij soms contacten ter plaatse die ons tot bij bepaalde informatie brengen.”

Paul Daenen, hoofdredacteur Het Laatste Nieuws : “Wij hebben op de redactie één stelregel en dat is dat wij nooit betalen voor informatie. Je zou al snel in een financieel opbod en Britse toestanden terecht komen.”

Inge Vrancken, coördinator buitenland VRT-Nieuwsdienst: “In principe wordt er bij ons niet betaald voor informatie, zelf heb ik het nog nooit gedaan en ik heb er ook nog nooit collega’s over horen praten. Het belangrijkste is om contacten te onderhouden en op die manier je informatie te bekomen, en dus niet door ervoor te betalen.”

De meesten zijn dus resoluut tegen en de vraag is of een advies van de Raad voor de Journalistiek de voorstanders van chequeboekjournalistiek kan overtuigen. Afwachten en zien dus, maar ondertussen blijkt the good old way van netwerken nog altijd de beste te zijn.

Advertenties

Responses

  1. Voor een leek leer je uit dit artikel heel veel waar je erg onwetend over bent


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: